Internationale spelregels - Vragen en antwoorden
Rotatie en rotatiefouten


Opstelling van de spelers

Uit de internationale spelregels
7.3 Beginopstelling van de ploeg
  • 7.3.1. Er moeten altijd zes spelers per ploeg in het spel zijn. De beginopstelling van de ploeg geeft de rotatievolgorde aan van de spelers. op het terrein. Deze volgorde moet gedurende de hele set worden aangehouden.
  • 7.3.2. Voor aanvang van iedere set moet de coach de beginopstelling van zijn/haar ploeg overhandigen aan de tweede scheidsrechter of aan de markeerder. Dit doet hij bij middel van een zorgvuldig en gehandtekend opstellingsbriefje (zie ook regel.
  • 7.3.3. De spelers die niet vermeld zijn op het opstellingsbriefje van een set, zijn de wisselspelers voor die set. Uitgezonderd de libero.
  • 7.3.4. Zodra het opstellingsbriefje is overhandigd aan de tweede scheidsrechter of de markeerder, mag er geen enkele opstellingswijziging meer toegelaten worden, tenzij met een normale spelerswissel. markeerder, mag er geen enkele opstellingswijziging meer toegelaten worden, tenzij met een normale spelerswissel.
  • 7.3.5. Tegenstrijdigheden tussen de opstelling van de spelers op het terrein en het opstellingsbriefje.
    • 7.3.5.1. Indien dergelijk verschil wordt vastgesteld tussen het opstellingsbriefje en de opstelling van de spelers op het veld vr aanvang van de set, moeten de spelers de plaatsen innemen in overeenstemming met het opstellingsbriefje. Dit gebeurt zonder bestraffing.
    • 7.3.5.2. Indien n of meer spelers op het veld niet op het opstellingsbriefje staan ingeschreven, moeten de spelers op het veld gewisseld worden, vr aanvang van de set, in overeenstemming met het opstellingsbriefje. Dit gebeurt zonder bestraffing.
    • 7.3.5.3. Indien echter de coach deze niet ingeschreven speler(s) op het veld wenst te behouden, zal hij (een) reglementaire vervanging(en) moeten aanvragen, die op het wedstrijdblad zal (zullen) ingeschreven worden.
Vragen Antwoorden
Zeer belangrijk: Reeds geruime tijd is er betwisting hoe scheidsrechters moeten handelen in het geval er een rotatiefout wordt vastgesteld. Wij hebben de vraag gesteld aan de internationale scheidsrechterscommissie. Het antwoord dat wij ontvangen hebben, delen wij graag mede aan alle belangstellenden.

Probleem: Ploeg A speelt tegen ploeg B. De coach van ploeg A geeft voor aanvang van de set het opstellingsbriefje af aan de 2de scheidsrechter met de volgende opstelling:
1 - 2 - 3 - 4 - 5 - 6

In deze set heeft ploeg A nog geen enkele wissel doorgevoerd en bij de stand 10-10 komt nr. 7 van ploeg A aan de opslag i.p.v. nr. 6 en dan bemerkt men pas dat nr. 7 niet vermeld was op het opstellingsbriefje (opm: nr. 6 en nr. 7 staan wel ingeschreven op het wedstrijdblad als speler zodat er geen sprake is van een administratieve fout). Welke beslissing moet de eerste scheidsrechter nemen?

Antwoord verkregen van Dr. Endre Holvay, voorzitter arbitrage FIVB:
  1. 1. De rotatie 6 (aan de opslag) - 1 - 2 - 3 - 4 - 5 moet ingenomen worden op het speelveld door ploeg A, m.a.w. nr. 6 moet op het speelveld komen i.p.v. nr. 7.
  2. 2. Ploeg A verliest alle aangetekende punten in die set.
  3. 3. Ploeg B krijgt de opslag en een punt bij.
  4. 4. De score wordt op dat moment dus 0-11 in het voordeel van ploeg B.


Mogen wij van de gelegenheid gebruik maken om de 2de scheidsrechters en de markeerders uitdrukkelijk te verzoeken de controle van de opstellingen voor aanvang van de set zeer secuur uit te voeren zodat deze situatie, die onprettig is voor iedereen, kan vermeden worden. Voorkomen is hier de beste remedie.